in

Vind de hangjongere in jezelf

Er zitten twaalf dikke bomberjacks op de trap in het portiekje van mijn appartement. Als een rij mussen zoeken ze, gehuld in dikke jassen en brede capuchons, elkaars warmte. Nadat ik mijn verbijstering heb ingeslikt, stal ik mijn fiets en denk ik na over een effectieve tactiek om hen weg te jagen. Of, om het beter te verwoorden, hen te overtuigen dat er leukere plekken zijn om te hangen. Fijner en gezelliger dan mijn portiek.

Ik heb twee scenario’s bedacht. De eerste heet ‘de-bitch-next-door-tactiek’. Misschien schrikt een woede-aanval af. En heb ik straks een fiets zonder ventieltjes, bedenk ik me vervolgens. Ik kies voor scenario twee: de lieve-buurvrouw-bedoelt-het-zo-goed-tactiek. Terwijl ik een weg probeer te banen door de jeugdige mensenmassa zucht ik diep en smartelijk.

Hangen in portiekjes mag officieel niet, maar hangen an sich is best zen.
Hangen in je eigen portiekje is best zen.

“Jongens”, klaag ik. “Dit kan echt niet. Het is namelijk een beetje vies dat jullie hier zitten. Met kauwgom en spuug enzo.” Ze knikken begrijpend, spugen achteloos nog even op de trap, maar staan dan toch op –weliswaar met een vertraging van een uur.

Heb ik een bloedhekel aan hangjongeren? Eigenlijk niet. Want elke generatie heeft z’n jongeren en die moeten toch ergens hangen? “Te jong nog voor de coffeeshop”, zei een vriend. En: waarom hangen ze niet in de schoolbanken?

Het woord ‘hangen’ en het woord ‘jongeren’ doet de jeugd geen goed. Hangen doe je als je lui bent. Het is een onheilspellende voorbode van een nutteloos leven. Ouders hangen niet. Nee, als volwassenen bij elkaar zijn, heet dat ‘netwerken’. Of ‘even socializen’. Dat hardcore hangen laten we aan de pubers over die nog geen zicht hebben op carrierekansen, topfuncties en maatschappelijke ladders. Het is

Maar hangen we echt nooit? Ik ‘hang’ op het bankje in het speeltuintje, terwijl ik wacht totdat mijn kind is uitgespeeld. Ik ‘hang’ op de rand van de zandbak waar ik het tiende zandtaartje bak. Hoe meer ik hang, hoe meer ik besef dat hangen een kunst is. Met een grote letter K. Je kunt pas echt hangen als je je weet over te geven aan het moment. En dat betekent zonder je mobieltje te checken, een update te plaatsen op Facebook of te twitteren. Bankje. Zandbak. Taartje. Zon. Regen. Mindfulness in optima forma. Zonder te denken aan de overvolle agenda’s en het eten voor vanavond. Over het gesprek met je collega en het dreigende ontslag boven je hoofd.

Het is een hele prestatie om je als ouder op te stellen als hangouder. Want eigenlijk weet iedereen het wel: je bent pas echt zen als je als hangouder rustig een paar uurtjes in je eigen portiek kunt hangen. Ik ga op zoek naar de hangjongere in mezelf. Mijn eerste stap: gezellig aanschuiven bij de bomberjacks op de trap.

Comments

Zeg het maar

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Loading…

0

Comments

comments

Patatje oorlog

Burn-out of overspannenheid: kun je het als werkgever voorkomen?