in

Vermist

vermistOh, daar heb je er weer één. Een gevonden hond, verloren poes, achtergelaten knuffel, gestolen fiets, brommer of auto, vermiste mensen, zowel volwassenen als kinderen. Er komen zoveel van dit soort berichten voorbij met het verzoek ze te delen op twitter, facebook of ander netwerk, dat ik wegklik. Niet alles hoeft gedeeld! Wat moet je met die informatie, de kans dat je een bijdrage kunt leveren is nihil. Al blijf ik wel langer kijken naar vermiste kinderen.

Sterker nog, ik heb overwogen mijn eigen kind op die manier te zoeken. Van de week kom ik op tijd thuis na een congres om onze jongste, een bink van 14 te helpen met zijn stageverslag. Op zijn verzoek, laat dat duidelijk zijn. Sporen van zijn aanwezigheid zijn er. Zijn tas ligt open in de deuropening, een brief ter ondertekening (bevestiging dat hij ziek was) en koekverpakkingen liggen op tafel. Ik roep. Roep nog een keer. Harder. Loop naar boven: lege kamer. Check de schuur: geen fiets! Ik kook! En bedenk me wat ik had kunnen doen; gezellig napraten en borrelen met collega’s of winkelen.

Dit is de vierde puber in de reeks, enig geduld heb ik wel gekweekt. Met een kop thee en de krant installeer ik me in de tuin en ontspan. Ik kook eten. Ik eet vroeg omdat ik straks wil sporten, de jongste en zijn oudere broer kunnen het straks opwarmen. Om zes uur schuift nummer drie naast me op de bank. Hij eet, we kletsen, we zappen, het wordt kwart over zes, half zeven, kwart voor zeven. Mijn opzij gezette irritatie door de afwezigheid van onze jongste komt in volle kracht terug en begint langzaam om te slaan in bezorgdheid. Zijn mobiel is stuk, ik kan hem niet appen.

Nummer drie kauwt stevig door terwijl ik tegen hem aan zeur: ‘Moet ik bezorgd worden? Met wie zal hij zijn? Moet ik straks boos worden? Huilen? Straf geven?’ Ik open mijn laptop en zoek op zijn Facebookpagina naar zijn vrienden. Wanneer zal ik berichtjes gaan sturen? Lief, zijn vader komt laat thuis maar is wel bereikbaar via de app: ‘Vast naar de manege. Al die vrouwen (paardenmeisjes) leiden maar af!’ Daar heb ik ook niks aan. Het wordt zeven uur. ‘Is hij niet naar trainen?’, vraagt lief via de app. Hij bedoelt het goed, maar ik heb al lang gezien dat zijn sportschoenen hier nog rondslingeren.

Kwart over zeven stapt de jongste binnen. Helemaal happy en ontspannen in tegenstelling tot mijn gespannen lijf, smalle lippen en woede- of bezorgdheid.

Van wat er daarna gebeurde zal ik jullie de details besparen. Er kwam geen fysiek geweld aan te pas, wel stevige taal. De jongste was onder de indruk, ik schaam me nog voor de onredelijkheid en nummer drie merkte op dat ik vergeten was hem te straffen.

Twee dagen geleden zag ik dit gezicht van een 14-jarig meisje ook al. Vermist, staat er boven. Deel, staat er bij. Ze is net zo oud, of jong, als mijn jongste. Twee dagen weg! Ik werd al gek na drie uur, wat verschrikkelijk voor de ouders.

Ik overweeg de deelknop in te drukken, maar google toch nog even op haar naam. Het meisje is al terecht, gelukkig. Ergens lees ik dat de vader iedereen bedankt voor het delen van het vermissingsbericht en het geven van tips. Het meisje zal wel balen, haar naam staat nu overal op Social Media en het bericht wordt waarschijnlijk nog vele malen gedeeld.

Is dat erg? Wat denken jullie?

Written by Xaviera Ringeling

Serieel site-bouwer. Publisher, contentspecialist, kattenvrouwtje, mofo lady, ondernemer, terrashanger, dut-koningin.

Comments

Zeg het maar

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Loading…

0

Comments

comments

Kromme komkommers en nog 6 initiatieven tegen voedselverspilling

We vierden onze vakantie met de vluchtelingen