in

De waarheid ligt bevallig in het midden

Barbie oudersonderlingOp een goede dag gooide ik twee plastic krukjes van de trap. Oké, het was misschien juist een slechte dag. Het ene was een barbiekrukje, het andere was een krukje zonder barbie erop. Het ontbreken van barbie was aanleiding voor een fittie tussen twee meisjes van vijf en drie. Soms kun je dat prima hebben, soms niet. 

Ik vertelde dit aan een moeder van school. Of eigenlijk vertelde ik het de oma van de meisjes. Omdat de ouders allebei lange dagen maken, past oma elke dag op haar twee kleindochters. We spraken over wat kinderen op school vertellen en wat daarvan waar is. In Zuid-Afrika zei het hoofd van de school aan het begin van het schooljaar altijd: ‘Als jullie – ouders – niet alles geloven wat je kinderen over ons zeggen, zullen wij niet alles geloven wat ze over jullie zeggen.’

Wat natuurlijk een standaardzinnetje en tegelijkertijd waar is. Zo moest dochter Bobbie (drie) erg wennen aan haar nieuwe Amerikaanse school. De redenen waren uiteenlopend. Ze bleef – naar eigen zeggen – geregeld in haar eentje in de klas en moest regelmatig helemaal alleen (snik) naar een ander lokaal. Natuurlijk was dit niet waar, ze had gewoon moeite met de nieuwe school in een nieuw land. Maar dat kan een klein meisje niet duidelijk maken.

Kinderen vertellen onsamenhangende, half ware verhalen en ze praten hun ouders na:
‘Het is prettig om in een nieuw land al een paar vrienden te hebben.’
‘Het is goed om een uniform te dragen naar school, want dat voorkomt pesten.’
‘Nee, ik hoef geen Yoki drink, weet je hoeveel suiker daar in zit?’
Dit zijn geen zinnen van vijf- en zesjarigen, het zijn reproducties van ouderuitspraken. Ik laat even in het midden of ik het zelf was.

De oma vertelde haar anekdote. Ze bracht laatst de kinderen naar school toen de jongste (vier) plotseling zei: ‘Ik ga de juf vertellen dat mama gisteren tegen papa schreeuwde. En weet je wat? Ik ga ook zeggen dat ze schreeuwde dat zij de baas is!’ Waar of niet waar, ik moest erom gniffelen en was vooral opgelucht. Niet omdat ik wel eens roep dat ik de baas ben, ik moet er niet aan denken. Mij ontsnapt eerder een: ‘Ik bepaal de hele week al wat we doen, verzin jij nu maar eens wat!’ Ik was opgelucht omdat iedereen wel eens uit de bocht vliegt.

Kinderen vertellen dus een half verhaal, of praten hun ouders na en wij – degenen die het verhaal uit tweede of zelfs derde hand horen – betrekken het op onszelf. De waarheid ligt vast ergens in het midden.

Written by Xaviera Ringeling

Serieel site-bouwer. Publisher, contentspecialist, kattenvrouwtje, mofo lady, ondernemer, terrashanger, dut-koningin.

Comments

Zeg het maar

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Loading…

0

Comments

comments

Babypraatjes

De knikkerpot