De term niet pluis wordt gebruikt bij ouderen die de eerste tekenen van dementie vertonen.

Familieleden, vrienden en kennissen zien dan dat er kleine dingen misgaan, terwijl daar eigenlijk geen excuus voor is. Over het algemeen worden deze kleine foutjes, vooral in het begin, afgedaan met vage uitvluchten. Een griepje, een verhuizing, een begrafenis, het zijn allemaal mogelijke oorzaken van warrig of afwijkend gedrag.

Blog mee

Niet pluis, een moeilijke fase

Het niet pluis gevoel is het beste moment voor een eerste bezoek aan de huisarts. Veel familieleden stellen dit bezoek echter uit en willen niet accepteren dat hun geliefde partner, vader, moeder, oom of tante dement begint te worden. Als je zo oud bent, mag je toch best een beetje vergeetachtig zijn, is een veel gehoord excuus. En natuurlijk wil je als familie ook best bijspringen. Je maakt het huis een keer schoon, draait een was, of brengt een warme maaltijd.

Niet pluis, hoe merk je dat in de praktijk?

    • Er zijn problemen met de televisie en de afstandsbediening
    • Er zijn problemen met het (nieuwe) koffiezetapparaat.
    • Er zijn problemen met het innemen van de medicijnen
    • De afwasmachine is gevuld met schone en vuile vaat
    • De verwarming in de woonkamer staat veel te hoog
    • Bijzondere maaltijdcombinaties
    • Er zijn problemen met de kookplaat of het gasfornuis.
    • Kleding (ook gewassen) is niet meer schoon
    • Sieraden, geld en sleutels verdwijnen op raadselachtige wijze
    • Er liggen spullen op vreemde plaatsen
    • Onlogische aankopen
    • Een valpartij met de fiets zonder duidelijke oorzaak
    • Een kleine aanrijding met de auto zonder duidelijke oorzaak
    • Het dragen van niet passende kleding, of het dragen van kleding dat niet past bij het seizoen.
    • Te weinig boodschappen in huis

    Wat kan de huisarts doen in deze niet pluis fase?

    Het is in deze eerste fase van het ziekteproces belangrijk om actief te handelen om problemen die later kunnen optreden voor te zijn.

    Bezoek daarom de huisarts om de situatie uit te leggen. Vraag om advies. In de meeste gevallen zal de huisarts een aantal algemene testen afnemen bij de persoon in kwestie om dit enkele weken of maanden later nog eens te herhalen. De uitkomst van deze testen kan aanleiding zijn voor een (familie)gesprek met de huisarts.

    Een duidelijke diagnose is echter noodzakelijk. Warrig en vergeetachtig gedrag kan namelijk ook passen bij een ziekte of optreden als er sprake is van een ernstig vitaminetekort. Indien nodig zal de huisarts een aantal aanvullende onderzoeken laten doen of doorverwijzen naar een geriater.

    Is de diagnose dementie gesteld, dan zijn er medicijnen die (mits ze goed aanslaan) het ziekteproces kunnen vertragen. Voor het gebruik van deze medicatie is het dus een voordeel als je er vroeg bij bent.

    Wat kun je zelf doen?

    Naast dat bezoekje aan de huisarts kun je zelf op zoek gaan naar informatie over dementie. Maak een start in je eigen buurt. Pak de regionale krant er eens bij of blader door de brochure van de gemeente. Je komt er dan al snel achter dat er best veel wordt georganiseerd voor zowel de mantelzorger als voor de mensen die problemen hebben met het geheugen.

    Informatie zoeken kan ook online:

    Begeleidende zorg en casemanagement

    Met een diagnose kun je als familie starten met de aanvraag van begeleidende zorg. Vooral in het begin hoeft dit niet veel te zijn. Een regelmatige medicijncontrole of twee keer in de week een douchebeurt is alvast een begin. Voor de persoon in kwestie kan dit vervelend zijn. Toch is het leren wennen aan de zorg heel belangrijk omdat dit in een latere fase van de ziekte vaker nodig zal zijn.

    De diagnose dementie maakt het ook mogelijk om een casemanager in te schakelen. Deze zal het ziekteproces nauwgezet volgen en is tevens aanspreekpunt voor de familie. Hij of zij beschikt over veel contacten in de zorg, kan fungeren als tussenpersoon en is in staat om de familie handige tips te geven.

    Hierbij kun je denken aan hulp en tips voor het regelen van :

    • Zorgverlening thuis
    • Hulpmiddelen
    • Maaltijdvoorziening
    • Financiële administratie
    • Dagopvang of andere activiteiten voor mensen die problemen ervaren met het geheugen
    • Alarmsysteem

    Het kan zijn dat er in de woning een aantal dingen moeten worden aangepast. Denk hierbij aan:

    • uitschakelen van het gasfornuis of de kookplaten
    • blokkeren van de verwarming op 24 graden
    • aanschaf extra sleutels of de aanschaf van een nieuw slot
    • aanschaf van een inbraakveilig sleutelkluisje

    Van het niet pluis gevoel naar een CIZ-indicatie

    Het aanvragen van een CIZ-indicatie (Centrum Indicatie Zorg) voor opname in een verzorgingshuis of verpleeghuis lijkt een grote stap. Doe dit echter op tijd als er een duidelijke voorkeur is voor een verzorgingshuis of verpleeghuis.

    Wacht niet totdat een opname acuut moet plaatsvinden, maar praat er ruim op tijd over. Een familiegesprek met de casemanager is daarvoor een mooie gelegenheid. Stap ook eens een verzorgingshuis binnen, kijk rond en maak eventueel een afspraak voor een gesprek. Wat is positief, en wat zou je echt niet willen?

    Voor het vaststellen van een CIZ-indicatie moeten alle beschikbare papieren worden aangeleverd. Documenten van de huisarts, de specialist, het zorgplan en de beoordelingen van de casemanager en de dagopvang. Heb je dit allemaal goed voor elkaar, dan kan er weinig misgaan.

    In de meeste gevallen komt er binnen een aantal weken een medewerker van een CIZ bij de dementerende aan huis om de situatie te beoordelen. Deze medewerkers zijn over het algemeen zeer ervaren en in staat om gegeven antwoorden naar waarde in te schatten. Het is echter belangrijk dat je zelf ook bij bent, zodat je kunt ingrijpen als dat nodig is.

    De CIZ-indicatie vertelt waar de dementerende recht op heeft. Toch kan het nog maanden duren voordat er een plek vrijkomt.

    Tot slot

    Het negeren van het niet pluis gevoel is misschien makkelijk, maar niet erg slim. Het komt vaak voor dat kinderen en andere familieleden de problemen van een afstand proberen te bekijken. Confrontaties worden gemeden en ‘zolang het nog gaat’ onderneemt men liever geen actie.

    Helemaal eerlijk is dit niet. Mensen met dementie hebben immers recht op bescherming, begeleiding, zorg en medicatie. Het is goed om te beseffen dat de wereld van iemand met dementie in een hoog tempo verandert. Als gevolg daarvan proberen ze zich vast te klampen aan de dingen die ze nog wel weten en kunnen. De weerzin tegen veranderingen komt hieruit voort. Toch kan iemand met dementie ook nog dingen leren, mits ze steeds opnieuw worden aangereikt en herhaald. Een goede aanpak vanaf het niet pluis gevoel is daarom erg belangrijk.

     

     

     


239 views | Geschreven door